Communicatie inzake het afleveren van verdovende middelen en psychotrope stoffen voor de urgentietrousse van een arts

04 jun. 2024
  • Home
  • Communicatie inzake het afleveren van verdovende middelen en psychotrope stoffen voor de urgentietrousse van een arts

Graag herinneren we jullie aan volgende aandachtspunten betreffende het afleveren van verdovende middelen en psychotrope stoffen voor de urgentietrousse.

  • De " urgentietrousse " wordt als volgt gedefinieerd: “de trousse van de voorschrijver die geneesmiddelen voor menselijk gebruik bevat bestemd om, bij dringende noodzaak, onmiddellijk toegediend te worden door de voorschrijver aan zijn patiënt[1].
  • Enkel apotheken open voor het publiek mogen geneesmiddelen afleveren voor de samenstelling van een urgentietrousse[2].
  • Apotheken open voor het publiek mogen enkel geneesmiddelen afleveren voor de urgentietrousse op voorlegging van een origineel, gedateerd en ondertekend document dat duidelijk de naam en het adres van de voorschrijver bevat evenals de vermelding " urgentietrousse "[3].
  • Wat de urgentietrousse precies moet en/of mag bevatten, is niet wettelijk bepaald.
  • Het gebruik dat de voorschrijver zelf maakt van zijn geneesmiddelen uit de urgentietrousse behoort tot zijn eigen verantwoordelijkheid. Iedere voorschrijver die middelen heeft voorgeschreven of verkregen, moet echter in voorkomend geval het gebruik ervan kunnen verantwoorden tegenover de Federale Toezichtcommissie[4].
  • De Nationale Raad van de Orde der Artsen acht het deontologisch ontoelaatbaar dat een arts voor zichzelf verslavingsgevoelige medicatie voorschrijft voor chronisch gebruik. Het betreft onder meer slaap- en kalmeringsmiddelen, psychofarmaca, verdovende en pijnverdovende middelen en stimulerende geneesmiddelen. Gezien het aanzienlijke risico op verslaving, is het essentieel dat het voorschrijven van deze geneesmiddelen valt onder controle van een collega-arts die beschikt over de nodige objectiviteit en professionaliteit om een weloverwogen beoordeling te maken van de medicamenteuze indicatie. Wanneer een verslavingsproblematiek bij een collega-arts wordt vermoed of opgemerkt, moet volgens de Nationale Raad van de Orde der Artsen in eerste instantie in gesprek worden gegaan met de betrokkene met als doel hem te overtuigen tot het volgen van een behandeling, met de nodige monitoring en opvolging. De collega moet worden uitgenodigd zich spontaan terug te trekken indien zijn bekwaamheid eronder lijdt. Artsen kunnen via Arts in Nood, in overleg en vertrouwen, in contact gesteld worden met gespecialiseerde hulpverleners die daarna het ontwenningstraject kunnen opstellen en opvolgen (www.artsinnood.be). Bij gebrek aan ziekte-inzicht en gevaar voor de patiëntveiligheid kan de Federale Commissie voor toezicht op de praktijkvoering in de gezondheidszorg op de hoogte worden gebracht[5]. Dit kan via het meldingsformulier (https://www.health.belgium.be/nl/federale-toezichtcommissie). Al deze handelingen kunnen ook door de apotheker worden gesteld indien deze een verslavingsproblematiek vermoedt of opmerkt bij een arts. Bovendien kan hij in dat geval ook de aflevering weigeren.
  • De afleverende apotheker doet er goed aan de identiteit van de arts te verifiëren. Indien de arts niet gekend is, wordt aangeraden om de e-ID van de arts in te lezen, ter controle. Ook zou de apotheker kunnen controleren of de arts de geneeskunde mag beoefenen via de positieve lijst op de website van de Orde der artsen (https://ordomedic.be/nl/vind-een-dokter). Als men de arts niet kan terugvinden, betekent dit dat hij, al dan niet tijdelijk, niet is ingeschreven op de lijst van de Orde der artsen en de geneeskunde dus niet mag beoefenen.
  • De verdovende geneesmiddelen en de psychotrope stoffen die in het kader van een urgentietrousse afgeleverd worden, dienen in het geïnformatiseerd register van de apotheek ingeschreven te worden[6].
  • De apotheker zendt gedurende de maand die volgt op het einde van elk kwartaal een kwartaaloverzicht naar het FAGG (via e-mail naar pharmacy@afmps-fagg.be) van de leveringen van verdovende middelen en psychotrope stoffen voor de samenstelling van een urgentietrousse.[7].

[1] Artikel 1, 16° van het koninklijk besluit van 21 januari 2009 houdende onderrichtingen voor de apothekers.[2] Artikel 20 van het koninklijk besluit van 6 september 2017 houdende regeling van verdovende middelen, psychotrope stoffen.[3] Artikel 20 van het koninklijk besluit van 21 januari 2009 houdende onderrichtingen voor de apothekers; artikel 20 van het koninklijk besluit van 6 september 2017 houdende regeling van verdovende middelen en psychotrope stoffen.[4] Artikel 63 van het koninklijk besluit van 6 september 2017 houdende regeling van verdovende middelen en psychotrope stoffen.[5] Advies van de nationale raad van de Orde der Artsen van 20 januari 2024, Artsen die zichzelf zorg verstrekken – deontologische aanbevelingen.[6] Artikel 34, §1, 3° van het koninklijk besluit van 21 januari 2009 houdende onderrichtingen voor de apothekers.[7] Artikel 24, § 2 van het koninklijk besluit van 6 september 2017 houdende regeling van verdovende middelen en psychotrope stoffen.